Header-C.U-faceswithSAM

LIVE REVIEWS

“Belgian reedist Joachim Badenhorst is one of the more curious and restless improvisers at work these days(…) but only with his beguiling septet Carate Urio Orchestra can his voracious stylistic appetite be truly sated.  The group (…)  is a decidedly and wonderfully sprawling affair that ignores borders between improvisation, pop, and jazz. (…)The orchestra repels any sort of blanket description, and that’s high praise in my book….”

— Peter Margasak the Chicago Reader

”(…) Most of the musicians were garbed in vests of varying lengths, projecting an aura of spiritual concentration as their soft drones commenced.

A sparse scrabble suggested the chamber palette of the Spontaneous Music Ensemble. It developed into a slow song, with Pascal Niggenkemper contributing an infectious bass line. (…) it was the local Ghent artists who made a very special impact in their home city.”

—Martin Longley // Downbeat Magazine

—- 2015 —

‘A deep bow to Joachim Badenhorst and his family, this is why music exists.’ – Sanne Huysmans, Gonzo Circus

The audience loved it and so did we. Already looking forward to the album release (title to be determined) and the concerts in their own regions. Be there.

Steadily the name of Joachim Badenhorst is winning international prestige, and a year after they played one of the most appreciated concerts at Jazz Middelheim, the seven-piece Carate Urio Orchestra also performs in Ljubljana. The great thing is that this concert is also included in the series of live albums that will be released on the Clean Feed label.
(…) This is music that is very ambitious and full of risks, but at the same time the band stands with both feet on the ground and comes out with a tangible, sometimes almost childlike directness and fragility. (…)
It is also striking how the focus shifts within the band and the musicians, how the baton is continuously transmitted and exchanged. (…) And just when you think the music has become even more counter intuitive and idiosyncratic, then they bring out touching harmonies, and drummer/guitarist Sean Carpio sings with a soulful falsetto on top of a ragged pop song. (…)
The audience loved it and so did we. Already looking forward to the album release (title to be determined) and the concerts in their own regions. Be there.

www.enola.be

Original (dutch)

Gestaag is de naam van Joachim Badenhorst internationaal in aanzien aan het winnen en een jaartje nadat hij een van de meest gesmaakte concerten speelde op Jazz Middelheim, staat hij met het zevenkoppige Carate Urio Orchestra ook in Ljubljana. Het mooie is dat het concert ook wordt opgenomen in de reeks van live-momenten die uiteindelijk belanden op het Clean Feed-label.
(…) Het is muziek die erg ambitieus is en vol risico’s steekt, maar anderzijds met de beide voeten op de grond staat en uitpakt met een tastbare, soms bijna kinderlijke directheid en naaktheid. (…)
Het valt nu ook op hoe de focus van de band en muzikanten steeds verschuift, hoe het stokje voortdurend wordt doorgegeven en uitgewisseld. (…) En net als je denkt dat de muziek nog tegendraadser en eigenzinniger geworden is, halen ze uit met aandoenlijke samenzang, en mag drummer/gitarist Sean Carpio een soul falsetto bovenhalen in een rafelige popsong. (…)
. Het publiek vond het helemaal geweldig en wij ook. Het is nu al uitkijken naar de albumrelease (titel nog te bepalen) en de concerten in eigen contreien. Wees erbij.

Guy Peters – www.enola.be

An intimate conversation
(…)The collective plays the most complete music that can be heard, where all the tools are available at the service of the essential idea and aesthetics, and never an end in itself.
They perfectly play with tensions: between song and sound, singing and playing, melody and rhythm, collective and individual, space and fullness, concrete and abstract, technology and bric-à-brac, visible and invisible. I have rarely seen such naturally dancing between the extremes of dynamics and energy. And even a hint of explicit engagement by Sam Kulik, new to the group, fitted perfectly: the text he recited without hesitation referred to the bloody American history. With that alone, he proves to be an interesting addition to Carate Urio Orchestra.(…)
Carate Urio Orchestra stayed a few more days in Mechelen after the festival, to record in NONA the successor to “Sparrow Mountain ‘. I am already looking forward to this new album with Santa Claus-like impatience. A deep bow to Joachim Badenhorst and family, this is why music exists.

read the complete article here (in dutch)

extract:

Een intiem gesprek
Bij Joachim Badenhorsts Carate Urio Orchestra is het overbodig namen en titels te noemen, dat zou helemaal voorbijgaan aan de kern van de zaak. Het collectief speelt de meest complete muziek die er te horen is, waarbij al het gereedschap dat voorhanden is ten dienste staat van het wezenlijke, van idee en esthetiek, en nooit een doel op zich wordt.

Perfect worden spanningsvelden bespeeld: tussen lied en klank, zingen en spelen, melodie en ritme, collectief en individu, ruimte en gevuldheid, concreet en abstract, technologie en bric-à-brac, zichtbaar en onzichtbaar. Zelden werd er zo natuurlijk gedanst tussen de uitersten van dynamiek en energie. En zelfs een vleugje expliciet engagement van Sam Kulik, nieuw bij de groep, paste volledig: de tekst die hij declameerde verwees zonder verpinken naar de bloedige Amerikaanse geschiedenis. Daarmee alleen al bewijst hij een interessante toevoeging te zijn aan Carate Urio Orchestra.

De frasering tussen de muzikanten is geladen, subtiel en precies, zoals bij een intiem gesprek, helemaal tegengesteld aan de metronomische hardheid eerder op de avond. Zelfs als een versterker valt, valt die in de juiste sfeer.

Carate Urio Orchestra bleef nog een paar dagen plakken in Mechelen en nam in NONA de opvolger van ‘Sparrow Mountain’ op. Het is nu al met Sinterklaasachtig ongeduld uitkijken naar deze tweede plaat. Een diepe buiging voor Joachim Badenhorst en zijn familie, dit is waarom muziek bestaat.

—- 2014 —

Carate Urio Orchestra: titillating saga with mesmerising rituals (***)
An almost impossible starting time for a jazz concert (12:30) but those who arrived too late, missed one of the highlights of the day. Last year he graced the Critics Poll of Downbeat (category “Rising Star – Clarinet”), this year Joachim Badenhorst was on the main stage of Middelheim with his seven-headed Carate Urio Orchestra.
…A magical concert with the air of a mini-opera in which the struggle between light and shadow raged violently. Again a Belgian act who pushes the bar very high. One can listen to them at home thanks to the debut CD Sparrow Mountain.

Carate Urio Orchestra: zinnenprikkelende saga met bezwerende rituelen

Een haast onmogelijk aanvangsuur voor een jazzconcert (12u30) maar wie te laat kwam, miste meteen een van de hoogtepunten van de dag. Vorig jaar prijkte hij nog in de Critics Poll van Downbeat (categorie “Rising Star – Clarinet”), dit jaar stond Joachim Badenhorst op het podium van Middelheim met zijn zevenkoppig Carate Urio Orchestra. Als een “Snowpiercer” (lees er de graphic novel eens op na) flitste de band heen en weer tussen de hectische improvisatiescène van New York en de mythologische ijsvlakten van Scandinavië. Aan het stuur Badenhorst met als machinisten een internationaal gezelschap gerekruteerd bij o.a 3/4 Peace, Treffpunkt, Os Meus Shorts en Sigur Rós. Ze doorkruisten een tableau vol details à la Jeroen Bosch. Sacrale taferelen wisselden af met puur exorcisme, soms met epische grandeur Ennio Morricone waardig. Een poëtische zeggingskracht zo typisch voor het merendeel van de ECM-releases, werd eveneens in het geheel versmolten. Met ergens halfweg een gedurfde (en geslaagde) solopassage van Badenhorst, net na een helse ontlading. Geen wonder dat gevestigde waarden als Han Bennink en Tony Malaby zo graag beroep doen op deze jonge rietblazer. Een feeëriek concert met de allures van een mini-opera waarin de strijd tussen licht en schaduw hevig woedde. Vooral alweer een Belgische act die de lat van meet af aan zeer hoog legde. Thuis te herbeleven dankzij de debuut-cd ‘Sparrow Mountain’. – Georges Tonla Briquet-

www.focus.knack.be

Sunday afternoon, around half past twelve, something special happened. Carate Urio Orchestra, a seven-piece ensemble led by Joachim Badenhorst, a reed player who was born and raised less than a kilometer from the festival grounds, played a concert that many will remember. (…)
Concerts with such intimate and unassuming character one usually witnesses in smaller clubs, but this was one of those rare times that even in the company of hundreds of spectators one had the feeling to be witnessing such a special, precious time, where voices and instruments constantly intertwined in each other’s relationship, full of moments of joy, contrariness and camaraderie. An event to cherish, for the listeners and the festival. And hopefully, as much for the musicians, who planned a tour later this year. Not to be missed.

http://enola.be

Zondagmiddag, zo rond half één, gebeurde er iets bijzonders. Carate Urio Orchestra, een zevenkoppig ensemble onder leiding van Joachim Badenhorst, een rietblazer die op amper een kilometer van de festivalweide werd geboren en er ook opgroeide, speelde een concert dat velen nog lang zal heugen. Dat het opnieuw een concert was dat door sommigen niet meteen met ‘jazz’ geassocieerd zou worden, zal daar zeker voor iets tussen zitten. Nu ja, als Badenhorst er iets mee te maken heeft, weet de goede verstaander intussen ook dat best de oren gespitst worden, want die heeft recent wel vaker van zich laten horen met fascinerende en zeer persoonlijke muziek die getuigt van een unieke visie binnen de Belgische (en internationale) geïmproviseerde muziek. Een knap onderdeel daarvan is deze band, die hiervoor nog maar zelden te zien was in de volledige, internationale bezetting.

 Daarin herken je bassist Pascal Niggenkemper en violist Frantz Loriot (samen met Badenhorst in Baloni), maar ook ander bekend volk als gitarist Nico Roig (Os Meus Shorts), Sean Carpio (drums, gitaar), bassist Brice Soniano en trompettist Eiríkur Orri Ólafsson. Voor het concert werd vooral geput uit het vorig jaar verschenen Sparrow Mountain, een album dat compositie en improvisatie in gelijke mate laat overvloeien, maar en passant ook de terreinen van de noise, folk, minimale muziek en postrock betreedt. En dat met sprekend gemak en tegelijkertijd toch een breekbaar, onaf randje. Een bekende noemde een eerder concert ‘wankel’, maar zelfs als alles perfect gesmeerd loopt, kan je dat adjectief nog steeds gebruiken. Het samenspel getuigt immers voortdurend van organische inventiviteit, die het niet zozeer van technisch perfectie uitvoering als van intuïtie en empatisch samenspel moet hebben.

Weemoed en geweeklaag komen zo samen in een soort van kamermuziek die invloeden uit meerdere windstreken toelaat en speelt met opbouw en drama, soms blijft hangen in een pastorale droomwereld (“Genoeg gedronken”), maar ook uitpakt met gestage crescendo’s. Of neem nu “Germana”, deels gitaarballade (met zang van Roig) en deels stoet van lach en traan. Goed voor een krop in de keel die niet meer zou vertrekken. Er werd gespeeld met wrijvende en schurende klanken, met potten en strijkstokken, gezongen met stemmen die langs en op elkaar schoten, uitgelaten kreten en ritualistische offerandes. Of Badenhorst zelf, die er een machtig stuk op klarinet uit de mouw schudde dat uitblonk in veelzijdigheid, maar vooral verhalende zeggingskracht. De medley van “Laglio” en “Sparrow Mountain” passeerde via pruttelpassages en belandde uiteindelijk bij een climax die zelfs de stoerste hardliner klein kreeg.

Concerten met zo’n intiem en bescheiden karakter maak je doorgaans mee in kleinere clubs, maar dit was zo’n zeldzame keer dat je zelfs in het gezelschap van honderden anderen het gevoel had dat je getuige was van zo’n bijzonder, kleinschalig moment, waarbij stemmen en instrumenten voortdurend in een andere verhouding gingen staan, vol momenten van vreugde, tegendraadsheid en kameraadschap. Een gebeurtenis om te koesteren, voor de luisteraars en het festival. En hopelijk net zozeer voor de muzikanten, die later dit jaar een tournee gepland hebben. Wees erbij.

– Guy Peeters-  http://enola.be

“The set of Carate Urio Orchestra lacked nothing, simply because the music had everything: catchy themes, instrumental mastery, figured interaction, improvisation and an intensity that was not inferior to the better postrock work. Godspeed You!Black Emperor 2.0, ie: music to find its audience far beyond the race tracks of jazz, improv and the self-proclaimed experimental music”… – Koen Van Meel

Original (Dutch)

Op de slotdag van Jazz Middelheim, door de weergoden uitgeroepen tot het eerste herfstfestival van het seizoen, vertoonde de programmatie voor de eerste keer een echt vreemde genodigde. Het werd er echter een die het gros van de andere optredens van het festival, editie 2014, in dik een uur van de tabellen zou spelen.

Het mag gezegd worden, met MikMâäk, B.O.A.T., Vijay Iyers sextet en veteranenproject, het Bruno Vansina Orchestra en MannGold de Cobre (inderdaad, veel Belgen) hebben de jazzliefhebbers dit jaar geen klagen gehad. Reden te meer om op de slotdag eens te gokken en iets te programmeren dat snel het label “moeilijk(er)” opgeplakt kon krijgen.

Echter, wat heet moeilijk in de muziek van het Carate Urio Orchestra? De groep onder leiding van rietblazer Joachim Badenhorst, een van die Belgen die op eigen verdienste een indrukwekkend internationaal netwerk en cv opgebouwd heeft, speelt dan misschien geen standaardjazz, wat ze er voor in de plaats leverden, deed elke kritische vraag daaromtrent verstommen.

Het begon al meteen in ‘Sidereal’, op gang getrokken door een kabbelende, ‘Mondscheinsonate’–achtige gitaarbegeleiding van Nico Roig, begeleid door de percussieve contrabas van Pascal Niggenkemper. Al snel verscheen de statige zwevende melodie waarna de grote opbouw kon beginnen: vanuit een dromerige wals naar stevige afmeting om vervolgens over te gaan in een collectieve improvisatie.

Die liet niet het ruwste van de zevenkoppige groep horen, maar schitterde net door transparantie, waarbij elke individuele bijdrage perfect hoorbaar bleef. Die individualiteit werd nog verder opgevoerd toen het geluid begon uit te dunnen tot alleen de viool van Frantz Loriot  overbleef die zich uiteindelijk in een noot terugtrok. Nog was het verhaal van ‘Sidereal’ niet uitverteld, want nu was het aan Loriot om de volgende beweging in te zetten, die hij moederziel alleen, met een loopstation opbouwde tot het geluid schitterde als een atonaal muziekdoosje.

Voor dit soort muzikaliteit willen heel wat muzikanten een pink, een duim of desnoods een hele hand geven, maar voor Badenhorst en zijn Carate Urio Orchestra was het niet meer dan een voorafspiegeling van wat het hele optreden zou doorgaan: muziek die vaak onbeschrijflijk mooi was, waaraan alles klopte en waarincatchy en soms zelfs volkse melodieën hun weg vonden in een processieachtige plechtigheid.

In ‘Genoeg Gedronken’ schitterde de band in instrumentaal classicistisch contrapunt dat daarna zonder enige moeite vocaal werd verder gezet. Op andere momenten was er dan weer een bezwerende opbouw te horen, creëerden de strijkers een drone-achtige soundscape of zong Badenhorst zonder enige zweem van ironie de tekst van ‘Zeg Ken Jij de Mosselman’. Nooit klonk het resultaat geforceerd, gezocht of flauw-grappig. Net zomin werd een minutenlange klarinetintro van Badenhorst waarbij hij moederziel alleen zowel melodie als begeleiding produceerde louter techniek of virtuositeit. Van arpeggio’s schoof hij door naar een naakte melodie om daarna de twee, zuiver op techniek en dus zonder loopstation, boven elkaar te schuiven.

Het ontbrak de set van Carate Urio Orchestra aan niets, eenvoudigweg omdat de muziek alles had: oorwurmthema’s, instrumentale beheersing, uitgedokterd samenspel, improvisatie en een intensiteit die niet moest onderdoen voor het betere postrockwerk. Godspeed You! Black Emperor 2.0, ofwel: muziek die haar publiek tot ver buiten de circuits van de jazz, de improv en de zelfverklaarde experimentele muziek moet kunnen vinden.

Koen Van Meel- Kwadratuur

(…) And then of course the band is remarkable because of its music. It cannot be caught in any category. It’s not jazz, but then again maybe it is. The influence of classical music certainly is present, film music is never far away, but also free improvisation and psychedelic rock shows its influence. And all of these different styles fit perfectly together. – Ben Taffijn-

Original (Dutch)

Een aangename verrassing op de zondag van Jazzfestival Middelheim was het Carate Urio Orchestra onder bezielende leiding van Joachim Badenhorst.

Gespeeld werd de muziek van de, eveneens live opgenomen, CD Sparrow Mountain die eind vorig jaar verscheen. 

Allereerst valt het Carate Urio Orchestra op door zijn bezetting. Twee contrabassen, slagwerk, altviool, gitaar, trompet en rieten en veel, heel veel gebruik van de stem. Ik zeg bewust gebruik van de stem omdat wat we horen lang niet altijd onder de traditionele term van zingen is te vangen. De bezetting: Joachim Badenhorst (rieten, stem) Eiríkur Orri Ólafsson (trompet, elektronica, stem), Frantz Loriot  (altviool), Nico Roig (gitaar, stem), Brice Soniano (contrabas, stem), Pascal Niggenkemper (contebas, effecten, stem), Sean Carpio (drums, gitaar, stem).

En vervolgens valt het gezelschap natuurlijk op door zijn muziek. Het is in geen categorie te vangen. Het is geen jazz en toch ook weer wel. De invloed van klassieke muziek komt zeker voorbij, filmmuziek is nooit ver weg maar ook de vrije improvisatie en de psychedelische rock laat zijn invloed horen. En dat alles past op een perfecte wijze bij elkaar.

– Ben Taffijn- Nieuwe Noten